• Uitnodiging: ontbijtsessie Aanbesteden kan beter

    Uitnodiging: ontbijtsessie Aanbesteden kan beter

    Op vrijdag 9 november 2018 organiseren Appeldoorn Tendermanagement en Wissenraet Van Spaendonck de ontbijtsessie Aanbesteden kan beter. Het event vindt plaats in het Muntgebouw Utrecht. U bent van harte uitgenodigd voor deze ochtend!

    Drie experts vertellen hoe u door een andere benadering de voordelen van een aanbesteding gaat zien. U krijgt tools om de aanpak van een aanbesteding te verbeteren en verfrissen.

    Wij ontvangen u deze ochtend graag om 08.15 uur met een ontbijt en om 10.30 uur worden de workskhops afgesloten. Meer details over de sprekers en de inhoud van de workshops treft u aan in het programma.

    Aanmelden
    De kosten bedragen € 125,- per persoon excl. BTW en registratiekosten. Graag vernemen wij voor 1 november a.s. of u komt. Aanmelden kan via de event website.
    Wissenraet Van Spaendonck en Appeldoorn Tendermanagement heten u op 9 november a.s. van harte welkom!

    Bron:
    Carmen de Jonge, Wissenraet Van Spaendonck
    Rikie de Veer, Appeldoorn Tendermanagement

  • Vernieuwde brochure VSR-Kwaliteitsmeet-systeem VSR-KMS 3

    Vernieuwde brochure VSR-Kwaliteitsmeet-systeem VSR-KMS 3

    De brochure kan worden gebruikt bij zakelijke contacten in de schoonmaakbranche, bijvoorbeeld richting opdrachtgevers omdat het VSR-Kwaliteitsmeetsysteem een hulpmiddel is om het contact tussen opdrachtgever en schoonmaakdienst in alle redelijkheid te laten verlopen, door de objectieve informatie over de reinheidsgraad van het gebouw.

    De brochure is hier beschikbaar via de website van VSR onder het “kernthema Kwaliteitszorg” / downloads.

    Bron: VSR

  • VSR persbericht “VSR-KMS 3 geformaliseerd in de NEN 2075”

    VSR persbericht “VSR-KMS 3 geformaliseerd in de NEN 2075”

    Na de herziening door VSR van versie 2 van haar KwaliteitsMeetSysteem (VSR-KMS) in 2013 is na enig ‘bijvijlen’ aan de tekst de formele herziening van de NEN 2075 ingezet en onlangs afgerond. Met het systeem van NEN 2075 wordt de uitgevoerde kwaliteit vergeleken met de voorgeschreven kwaliteit. Het principe van het systeem berust op visuele beoordeling van de mate van afwezigheid van verstoringen. Aan de hand van steekproeven worden de elementen beoordeeld.

    Deze norm is van toepassing op de schoonmaakkwaliteit binnen alle soorten locaties. Aan de hand van opgenomen normatieve beoordelingshandleiding kunnen elementen objectief gecontroleerd worden. Voor locaties die niet in deze norm zijn gespecificeerd, kunnen andere of aanvullende beoordelingscriteria noodzakelijk zijn.
    De norm is zowel toepasbaar op inspanningsgerichte contracten als op resultaatgespecificeerde contracten.

    Bron: VSR

  • Geslaagde VSR-Zomerborrel 2018 – Joseph Oubelkas inspireert schoonmaakprofessionals

    Geslaagde VSR-Zomerborrel 2018 – Joseph Oubelkas inspireert schoonmaakprofessionals

    Tot hij als jonge man in Marokko wordt opgepakt wegens vermeende betrokkenheid bij drugshandel. Oubelkas komt in de cel en zal daar – volkomen onschuldig – in vier verschillende gevangenissen nog vijf jaar blijven. Ook nadat een advocaat in Nederland vaststelt dat hij ‘nog niet eens een bekeuring verdient’ en het Ministerie van Buitenlandse Zaken bevestigt dat hij onterecht is veroordeeld.
    Het is VSR weer gelukt een bijzondere spreker te regelen voor de Zomerborrel, dit keer in The Green Village in Nieuwegein. Een boerderijachtige locatie omgeven door een weelderige tuin. Een oase in het volgebouwde industrieterrein. De middag is warm en zonnig en buiten klinken de glazen die worden klaargezet terwijl Oubelkas binnen zijn verhaal vertelt.

    Foto’s
    Klik hier voor het fotoverslag.

    Film
    Klik hier voor de film van de Zomerborrel.

    Het verhaal van Joseph Oubelkas
    ‘Ik was 23 en IT was booming. Ik had een eigen onderneming en een van mijn opdrachtgevers vroeg of ik enige tijd in Marokko wilde werken. Ik had een eigen auto, schudde de handen van directeuren en koppelde hierover terug naar mijn opdrachtgever. Tot ik bij een van onze klanten aankwam en overal zwaarbewapende politie en douane stond.
    ‘Ik zwaaide naar een douanier vroeg wat er aan de hand was. Hij nam mij mee naar een busje op het terrein. Daarin lag 8000 kilo drugs, bleek later. Zo dat is veel, zei ik nog. De douanier vroeg mijn paspoort, en later: of ik even mee ging naar het bureau om wat vragen te beantwoorden.’

    10 jaar cel
    ‘Toen mij werd gevraagd mijn veters en riem af te doen, besefte ik dat er iets mis was. En in plaats van Kerst thuis in Nederland te vieren zat ik in de cel. De reden: in mijn paspoort stonden volgens hen 22 inreisstempels en 17 uitreisstempels. Bewijs dat ik vaker via smokkelroutes een land had verlaten.’
    Het ongelofelijke gebeurt: op basis hiervan veroordeelt de rechter hem tot 10 jaar cel. ‘Bedenk u’, betrekt Oubelkas de zaal, ‘dat u hier wegloopt, dat u wordt opgewacht en meegenomen en dat u te horen krijgt: u komt niet meer thuis tot 2028. U mag geen afscheid nemen en niets meenemen. Die sprong kunnen wij in ons hoofd niet maken. En je gaat echt niet zomaar mee. Ik schopte, huilde en schreeuwde. Ik viel in een ravijn van intens verdriet en bleef maar vallen.’

    Sardine-in-blik-principe
    Later blijkt: in zijn paspoort staan 11 inreisstempels, en 10 uitreisstempels. Even is hij hoopvol maar dan hoort Oubelkas dat de rechter toch vindt dat hij het heeft gedaan. En dit is de – na zijn eerste veroordeling – een tweede immens grote klap. ‘Toen ik die had verwerkt, kwam een keerpunt. Ik dacht: ‘Ze kunnen mijn lichaam opsluiten maar mijn geest zal vrij zijn als een vogel.’’
    In een overvolle gevangenis, met tientallen gevangenen in een cel, zoekt de jonge ondernemer een overlevingsstrategie. ‘De cel was ingedeeld volgens het sardine-in-blik-principe. De ene gevangene lag met zijn voeten bij het hoofd van de ander en dat om en om. Dan past er een maximaal aantal mensen in.’

    Brieven van zijn moeder
    Hij ziet geweld, er is slechts één toilet – een gat in de vloer – en twee keer per dag krijgt hij in zijn plastic bakje een kwak gele, groene of witte drab met een stuk oud brood. Tegelijkertijd vindt hij troost in brieven en kaarten. Vooral in de brieven van zijn moeder: ‘Focus’, schrijft zij. ‘Vindt een doel.’ ‘Zorg goed voor jezelf.’ ‘Ooit ben je weer bij ons.’
    Oubelkas houdt zichzelf bij de les. Hij besluit de gevangenis niet te verlaten zonder zijn eigen tanden. Hij poetst iedere dag drie keer. Hij biedt hulp aan in het winkeltje, leert Marokkaans van zijn medegevangenen – want dat sprak hij niet, kan daarna Engelse les geven en mag later een stuk tuin verzorgen (waar hij met zaadjes van zijn moeder in stil protest de rood-wit-blauwe vlag van bloemen zaait). De situatie in zijn cel verandert niet.

    Wie zit er op mij te wachten?
    Tot Marokko hem in 2009 uitlevert aan Nederland, om de rest van zijn straf uit te zitten. Eenmaal in Nederland komt hij direct vrij. Natuurlijk is er euforie, maar na een paar maanden komt de wanhoop: wat moet ik gaan doen? Wie zit er op mij te wachten? Ook deze worsteling komt hij door. Hij schrijft een boek – 400 brieven van mijn moeder – en inspireert elke week tientallen mensen met zijn verhaal; studenten, werknemers, ondernemers en zelfs complete elftallen van grote voetbalclubs.

    Houding
    Hoe hij het heeft overleefd, wordt vaak gevraagd. Hij heeft maar één antwoord: houding. ‘Ik zal nooit weten hoe die jaren in vrijheid eruit zouden hebben gezien. Ik kan de buitenwereld de schuld geven maar dan verlaat ik mijn eigen kracht. De gevangenis was niet mijn wereld; ik heb het mijn wereld gemáákt. Jij bepaalt. 100 procent. Altijd.’
    Tot slot laat de – inmiddels oudere – ondernemer een foto zien van toen. Lachend in de camera. ‘De enige foto van mij in de gevangenis. Mijn advocaat maakte ‘m. Ik wilde laten zien: mama, het gaat goed met mij. Ze is al die jaren blijven schrijven en ik klom in de tralies bij het raam en las haar brieven. Vandaag de dag is mijn leven nog vele malen mooier dan ik toen had kunnen dromen.’

    Hoop
    Het is een verhaal dat indruk maakt op de zaal. Hoe schrijnend ook, Oubelkas is vrolijk en geeft hoop. Hoop dat – wat er ook gebeurt – je als mens altijd zelf bepaalt welk effect gebeurtenissen in het leven op je hebben. En met dat gevoel gaan de aanwezigen naar het terras in de tuin van The Green Village, waar de flessen wijn koud staan. En de hapjes rondgaan.

    Bron: VSR, door Inga van Uchelen – Freelance tekstschrijver/journalist

  • VSR-Zomerborrel – 5 jaar onschuldig in de cel

    VSR-Zomerborrel – 5 jaar onschuldig in de cel

    ‘Haal je veters uit je schoenen en doe je riem maar af.’ Tot 23 december 2004 was er geen vuiltje aan de lucht, in het leven van Joseph Oubelkas. Nederlandse moeder. Marokkaanse vader. Geboren in Raamsdonksveer.

    Tot hij als jonge man in Marokko wordt opgepakt wegens vermeende betrokkenheid bij drugshandel. Oubelkas komt in de cel en zal daar – volkomen onschuldig – in vier verschillende gevangenissen nog vijf jaar blijven. Ook nadat een advocaat in Nederland vaststelt dat hij ‘nog niet eens een bekeuring verdient’ en het Ministerie van Buitenlandse Zaken bevestigt dat hij onterecht is veroordeeld.
    Het is VSR weer gelukt een bijzondere spreker te regelen voor de Zomerborrel, dit keer in The Green Village in Nieuwegein. Een boerderijachtige locatie omgeven door een weelderige tuin. Een oase in het volgebouwde industrieterrein. De middag is warm en zonnig en buiten klinken de glazen die worden klaargezet terwijl Oubelkas binnen zijn verhaal vertelt.

    Het verhaal van Joseph Oubelkas
    ‘Ik was 23 en IT was booming. Ik had een eigen onderneming en een van mijn opdrachtgevers vroeg of ik enige tijd in Marokko wilde werken. Ik had een eigen auto, schudde de handen van directeuren en koppelde hierover terug naar mijn opdrachtgever. Tot ik bij een van onze klanten aankwam en overal zwaarbewapende politie en douane stond.
    ‘Ik zwaaide naar een douanier vroeg wat er aan de hand was. Hij nam mij mee naar een busje op het terrein. Daarin lag 8000 kilo drugs, bleek later. Zo dat is veel, zei ik nog. De douanier vroeg mijn paspoort, en later: of ik even mee ging naar het bureau om wat vragen te beantwoorden.’

    10 jaar cel
    ‘Toen mij werd gevraagd mijn veters en riem af te doen, besefte ik dat er iets mis was. En in plaats van Kerst thuis in Nederland te vieren zat ik in de cel. De reden: in mijn paspoort stonden volgens hen 22 inreisstempels en 17 uitreisstempels. Bewijs dat ik vaker via smokkelroutes een land had verlaten.’
    Het ongelofelijke gebeurt: op basis hiervan veroordeelt de rechter hem tot 10 jaar cel. ‘Bedenk u’, betrekt Oubelkas de zaal, ‘dat u hier wegloopt, dat u wordt opgewacht en meegenomen en dat u te horen krijgt: u komt niet meer thuis tot 2028. U mag geen afscheid nemen en niets meenemen. Die sprong kunnen wij in ons hoofd niet maken. En je gaat echt niet zomaar mee. Ik schopte, huilde en schreeuwde. Ik viel in een ravijn van intens verdriet en bleef maar vallen.’

    Sardine-in-blik-principe
    Later blijkt: in zijn paspoort staan 11 inreisstempels, en 10 uitreisstempels. Even is hij hoopvol maar dan hoort Oubelkas dat de rechter toch vindt dat hij het heeft gedaan. En dit is de – na zijn eerste veroordeling – een tweede immens grote klap. ‘Toen ik die had verwerkt, kwam een keerpunt. Ik dacht: ‘Ze kunnen mijn lichaam opsluiten maar mijn geest zal vrij zijn als een vogel.’’
    In een overvolle gevangenis, met tientallen gevangenen in een cel, zoekt de jonge ondernemer een overlevingsstrategie. ‘De cel was ingedeeld volgens het sardine-in-blik-principe. De ene gevangene lag met zijn voeten bij het hoofd van de ander en dat om en om. Dan past er een maximaal aantal mensen in.’

    Brieven van zijn moeder
    Hij ziet geweld, er is slechts één toilet – een gat in de vloer – en twee keer per dag krijgt hij in zijn plastic bakje een kwak gele, groene of witte drab met een stuk oud brood. Tegelijkertijd vindt hij troost in brieven en kaarten. Vooral in de brieven van zijn moeder: ‘Focus’, schrijft zij. ‘Vindt een doel.’ ‘Zorg goed voor jezelf.’ ‘Ooit ben je weer bij ons.’
    Oubelkas houdt zichzelf bij de les. Hij besluit de gevangenis niet te verlaten zonder zijn eigen tanden. Hij poetst iedere dag drie keer. Hij biedt hulp aan in het winkeltje, leert Marokkaans van zijn medegevangenen – want dat sprak hij niet, kan daarna Engelse les geven en mag later een stuk tuin verzorgen (waar hij met zaadjes van zijn moeder in stil protest de rood-wit-blauwe vlag van bloemen zaait). De situatie in zijn cel verandert niet.

    Wie zit er op mij te wachten?
    Tot Marokko hem in 2009 uitlevert aan Nederland, om de rest van zijn straf uit te zitten. Eenmaal in Nederland komt hij direct vrij. Natuurlijk is er euforie, maar na een paar maanden komt de wanhoop: wat moet ik gaan doen? Wie zit er op mij te wachten? Ook deze worsteling komt hij door. Hij schrijft een boek – 400 brieven van mijn moeder – en inspireert elke week tientallen mensen met zijn verhaal; studenten, werknemers, ondernemers en zelfs complete elftallen van grote voetbalclubs.

    Houding
    Hoe hij het heeft overleefd, wordt vaak gevraagd. Hij heeft maar één antwoord: houding. ‘Ik zal nooit weten hoe die jaren in vrijheid eruit zouden hebben gezien. Ik kan de buitenwereld de schuld geven maar dan verlaat ik mijn eigen kracht. De gevangenis was niet mijn wereld; ik heb het mijn wereld gemáákt. Jij bepaalt. 100 procent. Altijd.’
    Tot slot laat de – inmiddels oudere – ondernemer een foto zien van toen. Lachend in de camera. ‘De enige foto van mij in de gevangenis. Mijn advocaat maakte ‘m. Ik wilde laten zien: mama, het gaat goed met mij. Ze is al die jaren blijven schrijven en ik klom in de tralies bij het raam en las haar brieven. Vandaag de dag is mijn leven nog vele malen mooier dan ik toen had kunnen dromen.’

    Hoop
    Het is een verhaal dat indruk maakt op de zaal. Hoe schrijnend ook, Oubelkas is vrolijk en geeft hoop. Hoop dat – wat er ook gebeurt – je als mens altijd zelf bepaalt welk effect gebeurtenissen in het leven op je hebben. En met dat gevoel gaan de aanwezigen naar het terras in de tuin van The Green Village, waar de flessen wijn koud staan. En de hapjes rondgaan.

    Bron: VSR, door Inga van Uchelen – Freelance tekstschrijver/journalist

  • VSR ontvangt delegatie regering Singapore

    VSR ontvangt delegatie regering Singapore

    Aan het hoofd van deze delegatie stond senior minister of state Dr Amy Khor (Ministry of the Environment and Water Resources). Vergelijkbaar met de functie van een staatssecretaris in Nederland. Zij zorgde met gerichte en inhoudelijke vragen voor een levendige bijeenkomst. Ter ondersteuning van de uitleg van resultaatgericht schoonmaken, presenteerden VSR, RAI Amsterdam en CSU hun samenwerking in het beursgebouw.

    Nederlandse schoonmaakmarkt
    Monique Slinger, senior inkoper en verantwoordelijk voor het schoonmaakcontract, beet het spits af met een korte geschiedenis over RAI Amsterdam. John Griep, directeur van VSR, deed hetzelfde voor de schoonmaakonderzoeksorganisatie.
    Vervolgens vertelde Carola Put, transitiemanager bij CSU, over hoe het schoonmaakbedrijf invulling geeft aan hun schoonmaakdienstverlening en over welke rol de zorg voor medewerkers daarin speelt. De Singaporese delegatie luisterde aandachtig. Tijdens de presentatie van Put stelden Dr Amy Khor en haar gevolg regelmatig vragen over de Nederlandse schoonmaakmarkt.
    Is CSU ook managing agent? Hoeveel procent van de medewerkers is van Nederlandse komaf? Wat is het salaris per uur? Moet je als schoonmaakbedrijf na drie jaar altijd opnieuw uitbesteden? Hoe komt het dat jullie ziekteverzuim zo laag is? En waarom werken schoonmaakmedewerkers niet fulltime?

    Fulltime contracten
    De oprechte interesse zorgde voor een interactieve en losse sfeer. Gelukkig kwam Put ook nog aan de rest van haar presentatie toe over hospitality en dagschoonmaak, sensoren die meten of een ruimte is gebruikt en de huidige uitdagende arbeidsmarkt. Put: ‘Het is moeilijk om mensen te vinden, en vooral om goede mensen te vinden. Daarna willen we er alles aan doen om hen te behouden. ‘
    Ook vertelde zij over de zorg voor medewerkers door ondersteuning met fysiotherapie of geestelijke zorg. Bovendien wil CSU in de toekomst inderdaad toe naar meer fulltime contracten, ingaand op de vraag van Dr Amy Khor. ‘De meeste mensen zijn dan gelukkiger omdat ze geen twee banen meer nodig hebben. Deze verandering willen we graag doorvoeren.’

    Resultaatgericht schoonmaken – wat voorafging
    Freek Veneman, bestuurslid en penningmeester van VSR, mocht het gezelschap uitleggen wat resultaatgericht schoonmaken is en hoe dit in RAI Amsterdam wordt uitgevoerd. Maar hij begon met een terugblik op de ontwikkeling van de Nederlandse schoonmaakmarkt.
    Waarin in de jaren zestig alles kon, zo lang de opdrachtgever maar tevreden was. Veneman: ‘Daarna kwam het kostenbewustzijn. Opdrachtgevers wilden inzicht in uren en hetzelfde resultaat voor minder geld. En dat was ook mogelijk want de schoonmaakbranche werd professioneler. Men ging van 40 tot 100 vierkante meter per uur, naar 200 tot 250. Dankzij de systematische aanpak en beter opgeleid personeel was deze hogere productiviteit realistisch’, aldus Veneman.
    Maar In de jaren tachtig en negentig begonnen schoonmaakbedrijven steeds meer vierkante meters aan te bieden, tegen lagere prijzen. Voor meerwerk betaalde de klant vervolgens hoge prijzen. Er ontstond wantrouwen en een gespannen markt.

    Opdrachtgever koopt het schoonmaakresultaat
    De ontwikkeling naar resultaatgericht schoonmaken komt hier deels uit voort, vertelt Veneman. In het geval van resultaatgericht schoonmaken koopt de opdrachtgever geen uren, maar het resultaat. Hoe het schoonmaakbedrijf dit tot stand brengt is aan de dienstverlener zelf. De kwaliteit wordt gewaarborgd door het kwaliteitskeurmerk VSR-KMS. Binnen deze contractvorm moet het weer gaan om vertrouwen.
    Schoonmaakbedrijven, waaronder CSU, gebruiken sensoren om te weten of een ruimte is gebruikt, en dus of deze moet worden gereinigd. Zo niet, dan richt de schoonmaakmedewerker zich die dag op andere taken. Het gevolg is dat sommige dagelijkse taken minder vaak hoeven worden uitgevoerd. Terwijl – om het gewenste kwaliteitsniveau te behouden – periodieke taken juist vaker plaatsvinden.

    Vertrouwen
    Het resultaat is een schoonmaakniveau dat kwaliteitscontroles doorstaat. En een samenwerking die gebaseerd is op vertrouwen. Langzamerhand neemt dit soort contracten toe. Waarin opdrachtgevers bovendien bereid zijn om een eerlijke prijs te betalen.
    Veneman: ‘Tijdens de aanbesteding bij RAI Amsterdam bijvoorbeeld gaf de prijs maar voor 10 procent de doorslag. De rest – training, oplossingen en kwaliteit – vond de beursorganisatie belangrijker.’
    ‘Zijn de meeste contracten nu resultaatgericht?’, vraagt Dr Amy Khor. ‘Nee, antwoordt Veneman. Voorheen was dat 5 procent, nu 10. Als je het jaren hebt gedaan, is micromanagen moeilijk los te laten. Vertrouwen is essentieel.’
    Een collega van Dr Amy Khor besluit begrijpend: ‘Laat de schoonmaakdienstverlener bepalen op welke manier een gebouw schoon blijft. Opdrachtgevers moeten het contract managen en niet het proces. De dienstverlener kent zijn taken.’

    Over VSR
    De Vereniging Schoonmaak Research (VSR) is het onafhankelijke platform, en kennis- en onderzoeksinstituut voor professioneel schoonmaken in Nederland.

    Bron: VSR, door Inga van Uchelen – Freelance tekstschrijver/journalist

  • Blog “De menselijke maat” door John Griep, Directeur VSR

    Blog “De menselijke maat” door John Griep, Directeur VSR

    Schoonmaak is een zogenaamde dissatisfier. Pas als het niet schoon is, valt het op. Het is net als water. Als het er onverwacht niet is en je kunt niet douchen, koken en schoonmaken, dan mis je het pas. Dat leidde bij een zeer gewaardeerd (voormalig) bestuurslid van VSR tot de verzuchting dat je als schoonmaakbedrijf beter een schoonmaakfout kunt plannen. Die fout wordt dan gesignaleerd en optimaal hersteld. De opdrachtgever is vervolgens uitermate tevreden over het vakmanschap en de doortastendheid van de schoonmaker. De schoonmaker heeft zichtbaar resultaat geboekt. Die zichtbaarheid hangt samen met zoiets ondefinieerbaars als “de menselijke maat”.

    Onzichtbare schoonmakers die in de avonduren een sleutelpandje schoonmaken worden door de gebruikers van dat pand niet gezien als collega’s maar als schoonmaakkabouters die buiten kantoortijden en buiten hun gezichtsveld opereren. De menselijke maat is er niet. De gebouwgebruiker en de schoonmaker zien elkaar niet. De schoonmaker is voor de gebouwgebruiker geen individu maar een anoniem deel van een onzichtbaar geheel. Dat kan veranderen met dagschoonmaak. Als de schoonmaker zichtbaar is en er is positief contact met de gebouwgebruikers, dan kan dat de eigenwaarde van de schoonmaker vergroten en kan het bijdragen aan het gevoel van betekenis te zijn voor de organisatie.

    Sommigen vrezen dat verdergaande robotisering echter ook een negatief effect heeft op de menselijke maat. Dat door robots menselijke schoonmaakbanen zullen verdwijnen. Dat het werkplezier verloren gaat als de fijne empathische collega wordt vervangen door een kille repeterende robot. Ik denk niet dat het zo’n vaart zal lopen. De angst voor baanovername door robots lijkt onterecht. Ze zijn niet sociaal en niet creatief, empathisch of ondernemend. Wel zal het zo zijn dat door robots de werkzaamheden van de schoonmaker veranderen. Routinematig en repeterend werk kan door robots worden overgenomen. Dat biedt kansen aan de schoonmaker om ándere werkzaamheden uit te voeren, bijvoorbeeld op het terrein van hospitality. Daar moeten werkgever en werknemer het dan wèl samen over hebben.

    Technologische vernieuwing vereist sociale vernieuwing. Dat wordt ook wel sociale innovatie genoemd. “Sociale innovatie is een vernieuwing in de arbeidsorganisatie en in arbeidsrelaties die leidt tot verbeterde prestaties van de organisatie en ontplooiing van talenten”, aldus Het Nederlands Centrum voor Sociale innovatie (NCSI).

    Betrek medewerkers dus bij de organisatie en verleid en ondersteun mensen bij het verkennen van hun mogelijkheden op de arbeidsmarkt anticiperend op technologische vernieuwing in de schoonmaakbranche.Daarbij staat dus niet de robot centraal maar de mens. De mens is de maat.

    John Griep
    Directeur VSR

    Bron: deze blog is gepubliceerd in Schoonmaakjournaal op 11 mei 2018

  • Brochure over inrichtingstrends en gebouwinventarisatie volgens VSR-KMS

    Brochure over inrichtingstrends en gebouwinventarisatie volgens VSR-KMS

    In nieuwe gebouwen met kantoortuinen, ander materiaalgebruik en moderne inrichting, kunnen verschillen bij de inventarisatie ontstaan. Een muur is niet altijd meer 1 muur. En dat een kraan óp de wastafel is bevestigd, is ook niet meer vanzelfsprekend.
    Steeds vaker komen onze kwaliteitscontroleurs en -inspecteurs daardoor tot verschillende observaties wanneer zij ten behoeve van het meten van de schoonmaakkwaliteit een gebouw inventariseren en/of controleren. Oók in eenzelfde gebouw met gelijk schoonmaakprogramma. Bij VSR rees daarom de vraag: Kijken we nog wel op dezelfde manier naar een gebouw?
    Om daarvoor handvatten te bieden, heeft VSR een brochure uitgebracht waarin foto’s van een aantal specifieke situaties zijn opgenomen waarbij is vermeld hoe die het beste geïnventariseerd kunnen worden.

    De digitale versie van de brochure vindt u hier.

    Meer weten?
    Wilt u meer weten over het kwaliteitsmeetsysteem VSR-KMS? Of werkt u al in de schoonmaak en wilt u zich ontwikkelen tot controleur/inspecteur? Neem dan contact op met VSR.